Onze gewesten zouden naar de jeugdconsulent moeten stappen met nieuws over de eigen werking en die van de groepen. Ze werken in hun Steun Op Maat best aan een betere band met de jeugddienst. Jeugddiensten van middelgrote steden weten dan welk Chirogewest de groepen in hun stad ondersteunt, wat die mensen plannen aan vorming en activiteiten, wie er de vrijwillige trekkers zijn en wat hun noden zijn. Misschien kan het gewest uitgenodigd worden op de jeugdraad, kunnen ze gesubsidieerd worden, kan er input gevraagd worden in werkgroepen van het JBP?
Omdat gewestploegen soms instabieler zijn dan verbondsploegen is ook contact met het verbond wenselijk. De beroepskracht of de vrijwillige trekkers van het verbond ontmoeten elkaar best jaarlijks in een persoonlijk gesprek. Ze kennen elkaars activiteiten en planning, weten wie welke verantwoordelijkheden heeft en twijfelen niet om de telefoon te grijpen en bij elkaar te raden te gaan bij de ondersteuning van een groep of het werken rond een problematiek (bv. leidingstekort).
Om jeugddiensten in ’t algemeen beter te informeren over het wel en wee van de Chiro hebben we gewerkt aan een apart luik van de Chirosite: www.chiro.be/jeugdconsulenten -- als infobron al een mooie opstap. Hopelijk stimuleert het jullie om een persoonlijke band met het gewest en het verbond aan te halen.
In Mechelen wordt er gewerkt met een stadsgroepenwerker. De invulling daarvan kan wisselend zijn, maar volgens ons is een SGW iemand met jeugdbewegingservaring, met als opdracht de vrijwillige jeugdbewegingen sterker te maken door ondersteuning op maat, overleg en samenspel met de koepels, en dat met bijzondere aandacht voor netwerkvorming in de stedelijke context. Het is iemand die geen vast jaarprogramma heeft, maar gestuurd wordt door een dynamisch forum waarin zowel de jeugddienst als de koepels vertegenwoordigd zijn. De SGW heeft bijzondere aandacht voor de zwakkere groep. De SGW wacht niet tot de groepen naar hem of haar komen, maar gaat zelf op stap en werkt daarbij grotendeels in het weekend en ’s avonds wanneer de jeugdbewegingsgroepen activiteiten hebben of de leiding samenkomt. Hij of zij biedt ondersteuning op maat binnen een heel gamma aan thema’s en maakt hierover taakafspraken met de koepels. Thema’s waarin de SGW het voortouw neemt, lijken ons zaken die te maken hebben met netwerkvorming, maar ook lokalenbeleid en werken aan toegankelijkheid zonder de continuïteit in het gedrang te brengen. De vrijwilligers van de koepels voorzien ontspanning, vorming, ontmoeting en ondersteuning omtrent begeleidingshouding, afdelingsleven, activiteitenaanbod, spanningen binnen de groep, enz. Gezamenlijk inspanningen komen er best bij erg essentiële zaken zoals leidingstekort, ledenwerving, aanbod voor +12…
In Sint-Niklaas wordt er gewerkt met de vzw Bizon. Dat overlegplatform heeft een Raad van Bestuur waarin onder meer de vrijwilligers uit de structuur van de koepels zitten, en een Algemene Vergadering waarin alle groepen zelf vertegenwoordigd zijn. Ze sturen het gemeentelijk beleid op het vlak van ondersteuning van jeugdwerk, ze bouwen knowhow op, ze organiseren zelf acties , ondersteunen op maat en overleggen. Overleg tussen verantwoordelijken van de jeugdbewegingen (over de koepels heen) is zeker verrijkend.
Als Chiro dromen we ervan om in erg verstedelijkte buurten te kunnen samenwerken met een vast aanspreekpunt voor kinderen en tieners. Iemand die zich vaak op straat, in de verenigingen, de scholen en de sportclubs begeeft, bekend is bij de kinderen en contacten legt met alle jeugdwerk in de buurt. Zo kun je samenwerking stimuleren, kinderen en jongeren en hun ouders naar de meest geschikte plek begeleiden, rekening houdend met de draagkracht. Hij of zij kan ervoor zorgen dat kinderen en tieners echt hun plek vinden door coaching van begeleiding, een babbel met de ouders, door de kinderen aanvankelijk op te pikken en te begeleiden naar de lokalen, enz. We zien een soort combinatie van een straathoekwerker, opbouwwerker en jeugdwerker voor ons: een rolmodel voor een buurt, schakel tussen verschillende actoren.
Jeugddiensten kunnen actief het aanbod van de jeugdbewegingen mee bekendmaken. Het is voor vaak kleine leidingsploegen immers niet gemakkelijk om zich sterk te profileren in een stedelijke context. De jeugddienst kan ervoor zorgen dat het aanbod van de jeugdbewegingen mee opgenomen wordt in de stedelijke communicatie. Het zou leuk zijn als dat met een piekmoment is in september, maar werving is een voortdurend proces, dus ook andere periodes zijn zinvol. Zo kunnen de bivakken van Chirogroepen misschien een plekje krijgen in de communicatie over het stedelijk jeugdaanbod in de zomervakantie? Maar bekendmaking kan ook via de jeugddienstsite, door verspreiding van materiaal in gemeentelijke zwembaden, culturele centra, bibliotheken, wachtzalen van allerlei diensten, het OCMW en noem maar op. Daarbij denken we dat het belangrijk is om meer te doen dan enkel contactgegevens te verspreiden maar ook fotomateriaal, programma, een woordje uitleg. De belangrijkste wervingsplek blijft de school. Misschien kan ook hier gezorgd worden voor meer wervingsgelegenheid of voor een plaats voor de jeugdbewegingen (samen) op een evenement met de scholen.
Werken aan meer diversiteit zonder de continuïteit in het gedrang te brengen, is een uitdaging voor Chirogroepen. Ploegen met voldoende draagkracht kunnen daar heel wat stappen voor ondernemen: extra wervingsacties organiseren, meertalige foldertjes verspreiden, goedkope Chirokleren aanbieden, samen activiteiten organiseren met doelgroepwerkingen, een extra uitstap als lokker, op vorming trekken met de leiding, slaapzakken en bedjes aankopen zodat ouders dat niet hoeven te doen, enz. Aan die inspanningen hangt ook een prijskaartje, maar niet altijd een vorm van subsidie. Wanneer groepen daar erg veel zelf in moeten investeren, verhoogt dat de drempel. Gezien het maatschappelijk belang hopen we dat meer en meer gemeenten hiervoor extra potten aanboren en de groepen begeleiden en aanmoedigen. Het zijn vaak de kleinere groepen die continu inspanningen doen en voor wie die extra aanmoediging echt relevant is. Door hun beperkte grootte genereren ze immers al minder subsidies. Zorg dus voor voldoende structurele subsidiëring voor diversiteit en beloon niet alleen sterke ploegen met een éénmalige inspanning aan de hand van een projectsubsidie!
Ouders die hun eigen bloed in de handen geven van jonge mensen willen dat graag doen op een plek die degelijkheid uitstraalt. Goede lokalen zijn dan ook zeer belangrijk. Maar infrastructuurdossiers stijgen vaak boven de pet van 18- tot 20-jarige leiding uit. Het gaat over een niet-Chirogebonden en complex technisch thema: bouwmaterialen, contracten, eigendommen, begrotingen, vzw-structuren, enz. We zijn ervan overtuigd dat groepen behalve aan veel geld en een goed subsidiebeleid ook nood hebben aan inhoudelijke ondersteuning: mensen met voldoende bouwtechnisch en organisatorisch inzicht die de leidingsploegen op gang kunnen trekken, adviseren en coachen. Belangrijk is ook dat er ondersteuning is in het samenstellen van een netwerkploeg (leiding, ouders, oud-leiding) die het bouw- of verbouwproject opvolgt. Een gemeentelijke jeugdlokalenspecialist kan op cruciale momenten mee rond de tafel zitten en helpen sturen.